22 March 2014

Een zonnige dag in maart op de Amsterdamse Poort.



Bijlmerplein.
De zon schijnt zoals voorspeld. Een graad of twintig is niet slecht voor 20 maart?
Ik lock mijn laptop en even later loop ik richting de uitgang.
Voor mij lopen collega’s waaronder een opvallende.

Mr ING.
Hij draagt een pak en straalt zelfvertrouwen uit.
“Mr. ING” noem ik dit soort types.
Zonder deze karakters zou de bank ophouden te bestaan.
Stel je voor, als alle medewerkers zouden zijn zoals deze Mr. ING. Hoe zou dat zijn?
We kunnen immers niet allemaal trekkers zijn. Er blijven uitvoerenden nodig.
Wel gemotiveerde natuurlijk.
Enfin, ik loop het gebouw uit en loop even doelloos rond.

Ik constateer dus ik besta.
Dan vind ik mijn plek. Ik overzie de massa. Broodjes etend, lunchboxje mee of een warme hap.
Energie opdoen. Ieder op zijn eigen manier.
Het is leuk om mensen te beschouwen. Ineens valt mijn oog op een fluorescerend gordijn.
Het beweegt en het heeft de vorm van een mens. Een oudere man. Hij valt op maar iedereen schijnt hem te negeren.
Plotseling staat er een scootmobiel naast hem met een donkere man in het zadel.
Ze praten met handen en voeten en ik constateer.
Ik vraag mij af of het misschien daklozen zijn? Of anders? Kunstenaars misschien?
Ach, het zijn mensen, besluit ik.

Paramaribo.
De twee nemen afscheid van elkaar en de donkere man rijdt naar mij en stopt voor me.
“Wat een zon hè?”; zegt hij en vervolgt… “U heeft geen jas aan hè? Da’s niets voor mij met mijn spieren.”
“U bent andere temperaturen gewend neem ik aan?”
De man steekt resoluut zijn hand uit en terwijl ik zijn hand omvat begrijp ik dat de man blij is dat ik hem snap.
“Mijn zoon trakteerde mij enige tijd geleden op een ticket naar Paramaribo.
En weet u, mijn spierpijn was over…”

Kentucky Fried Chicken.
We praten over en weer en plotseling kijkt hij langs mij en richt zijn blik op de Kentucky.
“Hé man, als u mij nu wat te eten geeft ben ik weer helemaal tevreden…”
Ik laat zijn opmerking even op mij inwerken…
“Ik heb geen doekoe man!”; antwoordde ik geheel naar waarheid, “Maar ons geestelijk contact was ook erg voedzaam toch?”
De man grijnst van oor tot oor en ik neem afscheid van een mooi mens. Een paar tellen later loop ik de deur door van het kantoor.
Voor mij ontwaar ik plotseling de vormen van een mens. Van Mr. ING.
Hij is terug van de pauze.
Nooit eerder ontmoette ik deze man. Nu twee keer!
En tussendoor mocht ik weer andere mensen ontmoeten.
Mooi toch?

16 December 2013

Bijna Dood Ervaring?

Mist!

Plotseling bevind ik mij op de oprit van de A1. Apeldoorn-Zuid.
Het is schemerig. Miezerig. Herfst!
Plezierig voelt het op een of andere manier allerminst.
Een vreemde waas hangt er om mijn gedachten.
Voor mij rijdt er een auto met zo’n hoge aanhanger. Paarden?
Mijn voorganger heeft moeite met snelheid maken en ik moet gas terugnemen.
Achter mij komt er een Audi aanrijden.

Ik schiet naar links...
Met een snelheid die beduidend hoger ligt dan die van mij en mijn voorganger.
De bestuurder moet zichtbaar snelheid verminderen en blijft een paar tellen aan mijn bumper hangen.
De waas in en rond mijn hoofd wordt stroperiger. Een voorgevoel.
Flarden mist komen er zo nu en dan voorbij.
Te langzaam naderen we de invoegstrook en zodra de eerste witte blokken zich aandienen, maakt de auto achter mij een slinger naar links.
Blijkbaar is niets mannelijks mij vreemd want voordat de auto achter mij naast mij zit heb ik mijn richtingaanwijzer naar links aangezet en duik ik voor de Audi.
Ten tweede male zie ik mijn achtervolger snelheid verminderen. Ik geef plankgas om de medeweggebruiker zo min mogelijk te hinderen.
Plotseling is daar de dikke mist. Er gebeurt van alles tegelijk.
Mist. Geur. Stilte. Als in een slow motion, neen, langzamer..., speelt zich van alles af.
Ik zie rommel op de rijstroken. Planken of zo.

Autowrakken
Ik wil mijn gas loslaten maar om de klever achter mij niet te hinderen, blijf ik op snelheid. Mist!
Rechts van mij rijdt de auto met aanhanger.
De mist wordt heviger. Het geluid  van de stilte is afgrijselijk!
Zelfs gedempt door de waas in mijn hoofd is het onhoudbaar.
Plotseling rijd ik de mistbank uit en krijg ik een moment zicht op de wereld voor mij.
Teveel informatie om te verwerken.
Zie ik rook uit autowrakken komen? Ruik ik bloed? Paniek?
Ik moet reageren maar rechts van mij….
En achter mij… en mist… en Boomstammen!
Voor mij zag ik in een flits enkele boomstammen liggen. Eiken? Populieren?
Ik weet het niet! Het waren oude bomen geweest! Doorsnede zo’n 60 cm.

Stroperige mist.
De mist in mijn hoofd wordt dikker. Het kleeft aan mijn slapen.
De stilte zwelt aan en de film staat inmiddels bijna stil…
Beslis. Nu!
Rechts van mij auto, aanhanger. Geen rechts.
Remmen… Nee! Dat kan niet! De Audi!
Ik proef rook. Ik hoor bloed. Ik voel paniek! De smaak van een Bijna Dood Ervaring. Ik beslis.
Gas! GAS! GAAAS! Ik moet er over heen! Lanceren. Gewoon een sprongetje en er over heen!
Een beslissing in 1 á 2 seconden. De scheidslijn tussen leven en dood.
Mijn Skoda brult! Recht van mij… Achter mij…
Ik…

Alsof het echt was...
Ik word wakker. In mijn bed. Droom. Nooit droom ik.
Althans, niet dat ik mij ’s ochtends kan herinneren.
Er zijn mensen die je iets kunnen uitleggen over dromen.
Een diepere betekenis.
Ja, je kunt uren bomen over dromen.
Ik kon slechts enkele seconden dromen over bomen.
Om nooit te vergeten. Die smaak. Die geur. Dat gevoel…
Alsof het echt was…

13 December 2013

Ik had wat moeite met haar te verstaan...

Ik neem je mee naar een dag tijdens mijn vrijwilligerswerk in het plaatselijke hospice.


Er hing die dag een vreemde stemming in het hospice.
De bewoonster uit kamer 1 had uiteindelijk te horen gekregen dat haar ondraaglijk geestelijk lijden voldoende was om haar uit haar lijden te verlossen. De slechte verstaanbaarheid van haar woorden, uit de door een tumor aangetaste mond, was voor haar uiteindelijk een reden om te stoppen.

Een vreemde stemming.
De vrijwilligers uit de C-dienst hadden het verzoek gekregen om een half uur eerder af te lossen zodat het tijdens haar moment rustig zou zijn in het huis.
Het aantal naasten van de bewoonster had zich beperkt tot de zus en haar zoon.
Zij wilden het niet te emotioneel maken en ze waren zichtbaar opgelucht dat er gehoor was gegeven aan deze wens.

Muziek.
Tussen het verzorgen van drinken nam ik zo nu en dan de tijd om kort de bewoonster te bezoeken. We hadden elkaar de afgelopen weken leren kennen en als ik binnen kwam noemde ze mij steevast "Hilbert van der Duim".
Ja, ze had het gevoel voor humor niet verloren.
Zo ook op haar laatste dag. Ze lag op bed met een glimlach van oor tot oor.
Ik legde mijn hand even op die van haar. Haar vrije hand omvatte de mijne.
We zaten zo enkele ogenblikken. "Welke muziek neem je mee Alice?"
Als muziekliefhebber ben ik daar nu eenmaal in geïnteresseerd...
Ze begon haar top drie te noemen.
Twee Nederlandstalige nummers (die ik graag bij haar wil laten) en één Engelstalig nummer.

Om nooit te vergeten.
Het klonk zó grappig uit haar mond en ik moest ongewild denken aan mijn jeugd.
Als kind hadden we altijd heel veel plezier als we spraken alsof we een hazenlip hadden.
Maar nu hoefde ik niet te lachen en baalde ik dat ik haar moest vragen om het nog eens te herhalen.
Ze herhaalde het en gelukkig verstond ik dit keer wat ze zei.
"Procol Harum - A whiter shade of pale".

Ik gaf haar muzikale keuze voor het leven even de tijd om bij me binnen te komen.
Wow! Wat mooi... Rond elf uur arriveerde de dokter. Hij straalde rust uit.
Ik stelde mij voor als vrijwilliger en in een poging de man te ondersteunen meldde ik dat ik de mevrouw nog niet eerder zo gelukkig had gezien als vandaag.
De man liep door naar haar kamer en al voordat de deur dicht was hoorde ik de vraag stellen was: "Weet u het zeker mevrouw?"
Er volgde een lang gesprek 'achter de deur'.

Morituri te Salutant!
Op het moment dat ik werd afgelost worstelde ik weer met het eeuwige dilemma. Afscheid nemen. Op zich geen moeite mee.
Maar hoe geef je uiting aan de uitdrukkelijke wens van de familie om het luchtig te houden?
Voor deze vrouw besloot ik toch iets meer te doen dan gewoon weggaan.
Ik klopte op de deur en overzag het tafereeltje.
Aan beide zijden van het bed zaten haar naasten.
Ze streelden zachtjes de handen van Alice.
Ik stapte op hen toe, legde mijn hand op haar hand en zei niets.
Haar vrije hand omvatte de mijne en ze keek mij ernstig aan.
Ik knikte naar links. Ik knikte naar rechts.
Ik knikte naar Alice en draaide mij om.

Vrede.

26 November 2013

Welke overeenkomsten hebben Roberta Flack, Rihanna en Stromae?

Opvallend!

Welke overeenkomsten hebben Roberta Flack, Rihanna en Stromae?

Roberta.
In 1983 stonden Roberta Flack en Peabo Bryson in de Nederlandse hitlijsten met het nummer "Tonight".
Een mooi duet maar Wat mij opviel was dat het woord 'tonight' veelvuldig voor kwam. (14 keer).
Het nummer stond mij al gauw tegen.

Rihanna.
Rihanna verbeterde dit record in 2012 met het nummer "Diamonds".
Of ik nu thuis zat of in de auto. Mijn vingers telden automatisch mee.
Ik telde 38 keer het woord 'Diamonds'. Pfff...

Stromae.
Momenteel hebben we de formatie Stromae. (2013).
Zij bezetten al enige tijd de 'Charts' met het nummer "Formidable".
Heb jij enig idee hoevaak het woord 'Formidable' voor komt in dit nummer?
Een nieuw record?

Ken jij nog meer nummers die de afgelopen deccennia te gast zijn geweest in onze hitlijsten en waarbij de herhaling van de titel je jeuk bezorgde?

Nee, laten we het wel eerlijk houden. Het nummer van de
Rotterdam Termination Source - "Poing" (1992)
telt niet mee.

25 November 2013

Een dag op kantoor...

ING - Nieuw Amsterdam.
Soms, heel soms dan schieten je gebeurtenissen te binnen.
Dan droom je even terug naar de dag van het voorval.
Het ene moment een trieste herinnering maar vaak ook leuke momenten.
Dit keer een leuk moment.
Een gewone werkdag op kantoor bij de ING.
De dag dat ik één van mijn collega’s in het ootje nam.
Hoewel?
IK?
Ik weet niet hoe mijn collega’s het ervaren hebben maar ik herinner mij dat het mij ongelofelijke pret heeft gebracht.
Ik neem je mee naar locatie NA-06.67.

Gesloten inrichting.
Aangezien mijn team een bijzonder label had opgeprikt zaten wij achter gesloten deuren.
Vanaf de lift kon je slechts na het aanbieden van je pas onze vleugel op.
Mits je daarvoor geautoriseerd was natuurlijk!
Onze kamer was direct na deze deur gesitueerd aan de linkerzijde.
Al enkele dagen hadden we last van een niet sluitende toegangsdeur.
En een beveiligde deur die niet goed sluit geeft een alarmmelding op de meldkamer van de beveiliging maar ook d.m.v. een vreselijke langdurige pieptoon!
Deze pieptoon ging ons door merg en been en die kon slechts gestopt worden door het dichttrekken van de betreffende deur.Geen probleem dachten wij.
We hadden briefjes opgehangen met de tekst: “Deur goed achter u sluiten!”
Maar het mocht niet altijd baten.
Ook hadden we zgn. Incident tickets aan laten maken.
Naarmate de tijd verstreek hoe geïrriteerder men werd.
Het bleek ook dat de wat minder geluidsgevoelige mensen, (of die met een oortje gezellig naar muziek zaten te luisteren), niet zo snel opstonden als de piep weer eens zijn intrede deed.

Lastige deur.
Ik was één van de gelukkigen die er iets minder last van had maar ook dicht bij de deur zat.
Ik stond zo nu en dan op en zag er ook wel een beetje de humor van in.
Op een rustig ogenblik heb ik zelfs de deur een keer opengehouden teneinde de piep te forceren.
Ik had er voor gezorgd dat mijn mobiel op “record” stond.
Een ziekelijke doch mooie ringtone als herinnering voor later.

Later kwam eerder dan verwacht.

Geïrriteerd!
Eén van de collega’s, ik noem hem Karel de Oostenrijker, had er erg veel last van.
Hij stak zijn irritatie niet onder stoelen of banken.
“Drommels, nou gaat dat alarm weer af!”, hoorde ik hem zo nu en dan mopperen.
En, “Potverdikkie! Is die deur nou nog niet gemaakt?”

It wasn’t me…
Groot was zijn blijdschap dan ook toen er plotseling een mannetje van Facility Management in onze kamer verscheen met de melding dat de deur gerepareerd was en dat het piepje tot het verleden behoorde.
We slaakten allen een diepe zucht.
Karel maakte zelfs een rondedansje op tafel en belde zijn vrouw en kinderen om dit heugelijke feit te melden.
Plotseling ontwaakte mijn alter, je weet wel, die ondeugende…. En ondanks mijn felle verzet pakte de snoodaard mijn telefoon en op een moment dat iedereen sprakeloos was en genoot van de onuitsprekelijke stilte, klonk de piep weer.
Hard, meedogenloos! Maar…


Mijn ringtone…
…dit keer niet van de deur maar mijn persoonlijke ringtone.
Achter mij klonk een vreselijke knal.
Gelijktijdig met mij was Karel van zijn stoel gevallen.
Ik van de pret maar hij warempel van de schrik!
Arme jongen. Het heeft even geduurd voordat ik hem kon overtuigen van mijn grap.
Het kwam zelfs zover dat hij er samen met zijn vriendjes smakelijk om heeft gelachen.


…en ik niet minder!

Verslavende momenten - Zonder Creme fraiche...

Sinds medio 2013 ben ik als vrijwilliger aangesloten bij een verslavingsvoorziening.
Ik sta daar op de huiskamer en ontvang de cliënten.
Deze mensen zijn allemaal min of meer verslaafd en men komt daar voor een gesprek, koffie of medicatie.
In voorkomend geval kan men onder voorwaarden gebruik maken van verschillende ruimtes om hun middelen te gebruiken.
Datgene wat ik daar mee maak zijn overwegend leermomenten.
Maar over het algemeen zijn het zeer grappige momenten.
Aangezien ik deze met jullie wil delen heb ik de namen van de betrokkenen veranderd.


Woensdag 18 september 2013.
Iets later dan gebruikelijk bel ik aan bij de voordeur.
Het is rustig. Er zijn maar 2 collega's voor de huiskamer en men is blij dat ik er ben.
We overleggen kort en besluiten unaniem dat ik mijn plannen t.a.v. het koken ten uitvoer ga brengen.
Ik heb er zin in.


Wat schaft de pot?
Even later loop ik over de markt om de nodige ingrediënten te halen.
Van de markt naar de supermarkt.
Helaas is er sinds kort nog maar één supermarkt over in de nabije omgeving dus na het inslaan van de rijst en de creme fraiche loop ik nog even naar de markt voor de kip.
Pfff. Boodschappen met hindernissen. Als ik met mijn tas de huiskamer binnen stap is het drukker dan ik gewend ben.
Veel cliënten maken gebruik van onze gastvrijheid.
Ik zie dat mijn nieuwe collega met veel plezier aan het dammen is met Fred.
Tot mijn genoegen merk ik dat hij al veel meer namen kent dan ik.
Hij doet het goed!
Ik pak mijn boodschappen uit en leg de kip en de creme fraiche in de koelkast.


Grootmeester Fred.
Voordat ik ga koken besluit ik het goede voorbeeld van mijn collega te volgen en ik daag Fred uit voor een potje dammen.
Fred reageert vrolijk en binnen een mum van tijd zijn de bruin gele vlakken voorzien van zwart-witte schijven.
Ik wil mij niet verschuilen achter de druk van het koken maar het liep niet zoals ik mij had voorgesteld.
Fred attendeerde mij als een volleerd grootmeester op mijn handicaps. "Je speelt erg met links zeg!"
En.. "Tjonge jonge, jij speelt in een S-vorm..."
Ik zat daar. De vrijwilliger. Ik zat na te denken wat hij bedoelde.
Ik moest ook lachen. Maar wat bedoelde hij?
10 minuten later stond ik, een illusie armer, achter mijn kippedijtjes.
Fred kwam met een grote glimlach op mij af.
"Hahaha! Had ik je mooi tuk hè? Heb ik je uit je concentratie gehaald?"
Ik gaf hem een knipoog en bereidde mijn diner.


Creme fraiche.
Twaalf uur zouden we aan tafel moeten en de klok wees inmiddels bijna 11 uur.
Dat werd haasten!
Kip snijden, paprika, uitjes, knoflook. Rijst koken.
Tegen twaalf uur begon mijn collega de tafel te dekken zodat bijna op tijd de pannen op tafel stonden.
We hadden 3 gasten. Enkele vaste medewerkers schoven ook aan en al met al werd het een gezellige maaltijd.
De gasten van o.a. mediterrane afkomst smulden maar het viel mij op dat enkele eters het zweet op het voorhoofd hadden staan.
Het was té spicey!
Ik snapte er niets van.
Zoveel peper had ik er nu ook weer niet in gedaan?
Ik was toch niets vergeten?
Enfin, het mocht de pret niet drukken.
Pan leeg.
Alles ging op.

Alles?

...en de Creme fraiche? Oeps!

Verslavende momenten - Zijn waarheid...

Sinds medio 2013 ben ik als vrijwilliger aangesloten bij een verslavingsvoorziening. Ik sta daar op de huiskamer en ontvang de cliënten. Deze mensen zijn allemaal min of meer verslaafd en men komt daar voor een gesprek, koffie of medicatie. In voorkomend geval kan men onder voorwaarden gebruik maken van verschillende ruimtes om hun middelen te gebruiken. Datgene wat ik daar mee maak zijn overwegend leermomenten. Maar over het algemeen zijn het zeer grappige momenten. Aangezien ik deze met jullie wil delen heb ik de namen van de betrokkenen veranderd.


Zijn waarheid...
Daar zat ik dan. Oog in oog met "Herman". Herman pochte over zijn mensenkennis en wist exact wie hij kon vertrouwen. Hij vertelde zijn verhaal. Soms langdradig. Zo nu en dan vatte ik zijn verhaal even samen. Hij keek heel fel als ik hem soms aanspoorde om 'to the point' te komen. Als werd hij flink gestoord in zijn levensverhaal. Enkele minuten ervoor was ik zijn gebied binnen gestapt. Even kloppen op de glazen deur en mijzelf binnenlatende terwijl ik verheugd snoof aan de tabakslucht. Zijn wereldje...

Fout?
Nu zat ik daar dus in de rookkamer. Oog in oog. Herman maakte mij spontaan deelgenoot van zijn verleden. Zijn leven. Zijn waarheid. Het was nogal wat wat hij had gedaan. Er waren fouten gemaakt die hij leek te kunnen verantwoorden. Wow! Het is niet niks wat hij mij vertelde. Zijn leven. In vrijheid en in gevangenschap.

Zijn waarheid!
Zijn verhaal gaf mij inzicht in een klein stukje Herman. En ik bedacht me dat er toch een stukje vertrouwen was ontstaan. Best goed toch? Binnen één maand? En dan door iemand die nota bene zoveel mensenkennis heeft! Althans, volgens zijn eigen zeggen.

Zijn waarheid.

24 November 2013

Verslavende momenten...

Sinds medio 2013 ben ik als vrijwilliger aangesloten bij een verslavingsvoorziening. Ik sta daar op de huiskamer en ontvang de cliënten. Deze mensen zijn allemaal min of meer verslaafd en men komt daar voor een gesprek, koffie of medicatie. In voorkomend geval kan men onder voorwaarden gebruik maken van verschillende ruimtes om hun middelen te gebruiken. Datgene wat ik daar mee maak zijn overwegend leermomenten. Maar over het algemeen zijn het zeer grappige momenten. Aangezien ik deze met jullie wil delen heb ik de namen van de betrokkenen veranderd.

3 op 1 dag.
Zo. Dat was me een dagje hoor. Afgelopen woensdag 20 november op de voorziening. Er kwam veel op mij af. Erg leerzaam! Het begon bij aanvang van de dienst. Ik was dit keer vroeger aanwezig dan gewend en ik schoof aan bij het groepje collega’s. Op een bepaald moment begon mijn collega (sinds kort vaste medewerker huiskamer) over een akkefietje met John wat zich twee dagen eerder had voltrokken. De altijd wat rustige John was plotseling opgestaan en had een andere cliënt (ik noem hem Piet) naar buiten geduwd alwaar hij hem een tik verkocht. Dit gebeurde allemaal in slechts luttele seconden. Mijn collega vroeg zich af of er nu reeds represailles moesten komen. Of dat er een gesprek moest volgen. Het groepje sprak af dat mijn collega dit samen met één van de dames zou oppakken.

1] John versus Piet.
Enfin, korte tijd later, ik was in de huiskamer in gesprek met Herman, voegde John zich bij ons. Hij begon direct zijn misnoegen te uitten over Piet. (Vrij vertaald) “Ja, weet je, die vlegel moet niet denken dat…” Hij sprak tegen Herman maar keek mij ook zo nu en dan aan… “Hij beschuldigd mij van mishandeling…” Ik vroeg of het over ‘dat akkefietje’ van afgelopen maandag ging. John antwoordde positief en ging door. Ik keek ondertussen naar het vaste personeel maar zij waren nog met andere dingen bezig. Aangezien het onderwerp nu heet was besloot ik het ijzer te smeden. “Hé John, het zit je nog behoorlijk hoog hè?”; vroeg ik. “Ja natuurlijk man! Hij is nog niet van mij af…” Ik vervolgde, “Ja maar wij willen hier geen gedonder hebben hè”. “Nee man, dit hier is niet belangrijk. De straat is groot genoeg!” Op dat moment kwamen er twee collega’s bij. Eén vroeg; “Over wie gaat dit hier?”

Onvergefelijke fout!
En te laat besefte ik dat ik een bijna onvergefelijke fout maakte. Ik antwoordde i.p.v. John. En de echo van mijn antwoord hamerde op mijn kop. “Het gaat over Piet…”; had ik geantwoord. John hoorde dit klaarblijkelijk niet want hij antwoordde gelijktijdig met mij; “Dat gaat jou niks aan weet je!” Ik voelde mij een zak. John had mij in vertrouwen genomen en mij derhalve betrokken in zijn verhaal.

2] Freddy over zijn tijdelijke schorsing
Freddy was weer een beetje de oude. Na zijn schorsing van enkele weken en de ‘bijna aangifte’ over zijn gedrag, was hij weer rustiger geworden. Hij zat weer te slijmen over mijn kookkunst. Ik plaagde hem terug. We damden weer en kortom, we konden weer door één deur. Freddy merkte weer op hoe goed hij mij vind. Aardig. Doet vrijwilligerswerk en ik had psycholoog moeten worden. (Eigenlijk kan ik niet goed inschatten wat hij hier mee bedoelt. Ik ga hier met een grapje op in. “Ik heb ook een poster van mijzelf boven mijn bed hangen…”. Maar anderzijds roepen zijn uitspraken een soort van onzekerheid bij mij op.) Enfin, ik krijg soms zodanig veel veren van hem toegestopt dat mijn kont overvol raakt.

Grenzen stellen...
Op een gegeven moment zaten Herman, Freddy, mijn collega en ik rond de tafel en discussieerden wat. Over grenzen stellen. Grenzen binnen de voorziening. Kenmerkend aan Freddy is dat hij het gesprek kan overnemen. Al gauw had hij de luisteraars op zijn hand. Ik merk dat veel mensen dit voor lief nemen. Ik vind dit ook prima maar wil ook graag mijn punt maken in een discussie die over de voorziening gaat. Freddy vindt duidelijkheid belangrijk. Zo nu en dan onderbrak ik hem. Onderbreken betekent bij hem vaak starten met een zin terwijl hij nog praat. Het duurt enkele seconden voordat het kwartje valt. Ik haalde als voorbeeld de aanleiding van zijn schorsing er bij. “Kijk, daar gaan we weer, ouwe koeien uit de sloot halen…” Ik antwoordde: “Nee, dit is wel een essentieel voorbeeld. Ik ben destijds niet duidelijk geweest tegen jou. Ik draaide er om heen!” “Man, daar is de vrijwilliger weer. De psycholoog!” Ik leerde hier uit dat het soms goed is om hem uit zijn monoloog te halen. Een mooi moment vond ik dat één van mijn collega’s mij apart riep en mij vroeg wat dit met mij deed. Ze had gehoord dat hij mij voor psycholoog uitmaakte. Ik heb mijn waardering uitgesproken over het feit dat ik ‘een achterban’ heb. Dat ik dit erg fijn vind.

3] Regels.
Regels zijn belangrijk. Zeker in de voorziening. Ik had die dag gekookt. Veel eters dit keer. Het is dan ook koud buiten. De bordjes waren zo goed als leeg toen zich een vrouw aandiende. De vrouw was werkzaam bij de gemeente en in die zin verantwoordelijk voor het papier prikken op de verschillende plaatsen in de stad. Zij zou, als kennismaking, die dag mee gaan lopen. Dit papier prikken wordt al sinds enige tijd gebruikt als sociale activering. Cliënten die zich er voor opgeven kunnen voor twee uur prikken onder begeleiding wat mee verdienen en zij kunnen gratis mee eten. De cliënten waren waarschijnlijk in verwarring geraakt wan plotseling begonnen er twee te muiten. Zowel Kanye als Freddy weigerden mee te gaan. Ik kan mij voorstellen dat ze moeite hebben met personen die de gemeente vertegenwoordigen.

Niet werken betekent betalen voor het eten!
Ik sta op en reageer. “Hallo, niet mee lopen betekent wel betalen voor het eten hè!” Op dat moment zie ik de ogen van Kanye even schitteren. Hij begint tegen mij. “Vraag nooit om geld hè!? Denk daar aan!” Ik loop achter de balie vandaan en stap op hem af. “Ik ben niet onder de indruk van jou hoor maar er zijn regels hier. Niet mee doen aan de sociale activering is betalen voor het eten…!” Kanye heft zijn vingert en legt uit. “Er lopen gasten hier rond die tot over hun oren in geldnood zitten. Die moet je nooit om geld vragen hè! En misschien dragen ze ook wapens op zak. Dus let op wat je zegt!” Tja, wat moet ik hier op antwoorden. Voor mijn gevoel probeert Kanye mij iets te leren. Te leren over de wetten op straat. Voelt wel goed hoewel mijn ego protesteert. “Die man moet mij niet de les lezen!” (Erg hè?).

4] Kanye. En hoe het toch goed af liep.
De mevrouw van de gemeente staat inmiddels al zo’n 10 minuten te wachten en de cliënten beginnen zich op te maken voor de sociale activering. Veiligheidsvestjes aan, zakken aan de daartoe bestemde ringen bevestigen etc. Kanye staat ineens voor de mevrouw. Slechts de balie scheidt hun van elkaar. “Hoe heet jij?”; vraagt hij. Rodney, een andere bezoeker, protesteert. “Jij mag u zeggen tegen die mevrouw, Kanye!” De vrouw antwoord. “Ik heet Jennifer..” “Wat een rare naam! Zo heet een ex van mij ook!” Terwijl hij dit zegt loopt hij enkele stappen bij haar vandaan, draait zich weer om, trekt zijn vingertje in positie en begint verder te vragen. Het vingertje voor de neus van de dame. Mevrouw trotseert het met glans. Rodney protesteert wederom.

Excuses...
Hij staat op en trekt Kanye apart. Ze smoezen wat en kort daarop komt Kanye terug lopen naar de balie. In plaatst van zijn vingert steekt hij nu zijn hand uit. “Ik biedt mijn excuses aan!”; zegt hij luidruchtig. Mevrouw aanvaard dit en het gesprek gaat op ontspannen toon verder. Ik kijk naar Rodney. “Respect man!”; zeg ik tegen hem. Hij kijkt en grijnst. Zie ik daar enige trots?

Ik leer hier van dat ik de rol van Rodney had moeten spelen.
Hoewel, Rodney is ook één van de straat en ik niet.

19 November 2013

Ons Flevoziekenhuis...

MRI-scan...
Oktober 2013 werd ik gebeld door de afdeling neurologie van het plaatselijke hospitaal.
Ik zou conform afspraak een uitnodiging krijgen voor een tweede MRI scan. (Vorig jaar had men een cyste ontdekt tijdens een hersenscan).
De dame stelde een aantal vragen over eventueel aanwezig ijzerwerk en elektrische apparatuur in mijn lichaam.
Ik beantwoordde de vragen en al voordat ik een afspraak had gemaakt voor de MRI werd er een afspraak gemaakt om de uitslag van de MRIscan te bespreken.
Knap dat ze dat zo in kunnen plannen...
Ik noteerde de 29-ste.
Enkele dagen later werd ik wederom gebeld door het ziekenhuis.
"Dag meneer, U staat op de lijst voor een hersenscan en ik wilde met u een vragenlijst doornemen...".
Ik onderbrak haar en vroeg of dit over eventueel aanwezig ijzerwerk en elektrische apparatuur in mijn lichaam ging.
Ze antwoordde bevestigend.
Voordat ze verder kon gaan vertelde ik haar dat deze lijst reeds verwerkt was.
"Oh, sorry, is er dan al een afspraak gemaakt?".
"Euh ja, op de 29-ste..."; antwoordde ik.
Aangezien deze afspraak niet bekend was bij haar maakten we een nieuwe afspraak.
30 oktober. Een dag of 14 later ging mijn telefoon.
Het Flevoziekenhuis.
"Goedemorgen met die en die van de afdeling neurologie.
U staat op de lijst voor een MRI scan en ik verzoek u om een labformulier op te halen bij ons en dan wat bloed te laten prikken."
"Euh... okee? Maar waarvoor wordt er dan bloed afgenomen?"; vroeg ik.
Vorige keer namelijk werd dit niet gedaan."De EFGR waarden.
Het is een controle op de nierfunctie...
"Ik was niet overtuigd van het nut maar ik sprak af dat ik die zelfde dag nog naar het laboratorium zou komen.
Om het niet te vergeten maakte ik een afspraak in mijn telefoon en ging ik weer verder aan het werk.

So far so good...
Een uurtje of twee later ging de telefoon.
"Goedemiddag, u spreekt met die en die van de afdeling neurologie. Het kan zijn dat er iets bij u is ingesproken over een bloedafname... ".
Ik antwoordde dat dit niet kon zijn omdat ik geen voicemail heb ingesteld.
"Oh, u staat namelijk op de lijst voor een MRI scan en ik verzoek u om een labformulier op te halen bij ons en dan wat bloed te laten prikken...".
Ik onderbrak haar beleefd en sprak mijn zorg uit.
"Ik moet eerlijk zeggen dat ik behoorlijk nerveus word. Ik begin erg tegen het onderzoek op te zien.
Wat gaat er nu precies gebeuren. Wat gaat er gescand worden?"; vroeg ik.
"Euh..., de grandula nogwat of zo..."
"Maar...,"; ging ik voort...
"hoe kan het nu zijn dat ik voor alle afspraken 2 keer gebeld word? Dat moet toch anders kunnen?"
Ik kreeg iets van een excuus te horen en we namen afscheid.
Tegen sluitingstijd meldde ik mij bij de balie.
Ik noemde mijn naam en geboortedatum en met een zenuwachtig lachje van 2 dames kreeg ik het gereedliggende formulier overhandigd.
Ik zei niets meer...
De boodschap leek duidelijk.

23 March 2012

Opa in de bocht

Mijn schoonvader is de laatste tijd een beetje in de war.
Hij heeft volgens mij PDD-NOS of ADSL.
Mijn vrouw ontkent dit en zegt hoofdschuddend; "Hij wordt gewoon een beetje ouder…"
Ik praat zo nu en dan met schoonpa.
Hij vertelt over zijn avonturen tijdens zijn wekelijks terugkerende dagjes op de activiteitenbegeleiding.
Hij zoekt vaak naar woorden maar weet altijd de kern te raken. Soms is er verdriet.
Vaak lachen we enorm over zo'n gebeurtenis.
Hij heeft gelukkig zijn gevoel voor humor niet verloren.
Soms vang ik flarden op van het gesprek tussen mijn vrouw en haar moeder.
Het gaat over 'sociaal isolement', 'afasie', 'alzheimer' en 'dementie'. Labeltjes.
Opa hoort het niet, denk ik.
Dat hij soms de weg kwijt is liet hij onlangs merken.
Ik was al een poosje met hem in gesprek.
Plotseling vroeg hij; "Waar werkt u?"
Ik viel een moment stil en probeerde tactisch te antwoorden.
"Euh, ik werk bij de ING…"; antwoord ik aarzelend.
Opa antwoord; "Oh, daar werkt mijn schoonzoon ook…"
We hebben hier achteraf allen smakelijk om gelachen.

Het is feest. We zitten thuis met zijn allen aan tafel. Onze zoon is jarig en er zijn vrienden en vriendinnen, patat én Opa!
Opa eet en luistert.
De jonge mensen maken tijdens het eten wat vieze opmerkingen en een aanwezige vriendin trekt een vies gezicht roept vrij hard; "Hou op. Ik zit te eten!"
Opa aanschouwt. De vieze opmerkingen gaan nog even door en het meisje herhaalt haar opmerking; "Ik wil eten!"
Opa ontgaat de essentie maar reageert alert.
"Ga eten dan!"

17 March 2012

Een zaterdagochtend in maart.

Ik sta in de keuken en maak een snel ontbijtje klaar voor onderweg.
Zo direct eerst lekker wandelen met de hond.
Tijdens het smeren van mijn cracker luister ik naar de geluiden van boven.
Meidengeluiden. Gisteren is mijn dochter gearriveerd om het weekend in het ouderlijk huis door te brengen.
We zijn inmiddels wel een beetje gewend aan haar afwezigheid sinds zij vertelde dat ze ging studeren in Tilburg.
Pff! Dat was wel even wennen hoor. Voor haarzelf natuurlijk maar ook voor ons.
Met name mijn vrouw heeft er moeite mee gehad om het huis te delen met enkel mannen.
Vader en zoon praten immers op een geheel ander niveau dan de moeder!
Vanochtend luister ik vanuit de keuken en geniet van het harde praten van dochterlief.
Het is duidelijk merkbaar dat ze gewend is aan debatteren in het studentenhuis.
Tussendoor hoor ik de vrolijke stem van mijn vrouw.
Zij geniet hoorbaar van de aanwezigheid en het hindert haar niet dat ze de badkamer moet delen.
Een zaterdag in maart. Een speciale dag. Een beetje door de lente en een beetje door mijn dochter.
Even weer een moment als vanouds.
Gewoon genieten.

Zo fucking trots op mijn zoon...

Het feestje bij mijn jarige broer is al een poos in volle gang als plotseling mijn zoon verschijnt.
Hij moest laat werken maar kon zich gelukkig al snel daarna in het feestgedruis vervoegen.
Een vreemd gevoel maakt zich van mij meester als hij binnenstapt en zijn arm heft bij wijze van groet.
Hij straalt en ik voel mij trots.
Als hij even later de aanwezige ouderen persoonlijk heeft gegroet, verdwijnt hij naar de tuin.
Mijn zoon voelt zich zichtbaar thuis hier tussen zijn 'matties'. Leuk om te zien.
Binnen is het redelijk mogelijk om te praten. Buiten is het anders.
Er klinkt stevige muziek maar er komen ook YouTube-achtige geluiden uit de aangesloten smartphones op de geluidsinstallatie.
Na een poosje loop ik naar buiten om afscheid te nemen en laat de sfeer even tot mij komen.
Een aantal van de jongeren kent mij en ik krijg diverse opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd.
Voor mij een bewijs dat ik als oudere niet helemaal voor gek word gesleten.
Ik praat een poosje en geniet en zoek tussendoor mijn bloedverwant. Waar zit ie?
Mijn ogen priemen in het donker en plotseling zie ik hem, innig verstrengeld met dát meisje waar al over gespeculeerd werd.
Ik zie zijn achterhoofd en haar gezicht verdwijnt daar achter. Snel zoek ik naar het geldende jargon.
Tongworstelen.
Mijn hoofd draait weg om dit intieme moment niet te verstoren. Kopkluiven.
Dubbel. Ik lach en zie ik een beetje mijzelf terug.
Aan de andere kant zie ik daar mijn zoontje zitten.
Vreemd!
Onderweg naar huis bespreek ik de avond door met mijn vrouw. Ook het 'minnekoos' moment van onze zoon.
Plagend zeg ik: "Goh, onze zoon heeft verkering...". Mijn vrouw kijkt mij meewarig aan en antwoordt: "Nee, die tijd is geweest. Het is nu normaal om zomaar te zoenen met een meisje."
Ik weet dat ze gelijk heeft.
"Als ik in mijn jeugd een meisje innig zoende wist ik dat dat meer betekende dan een kus, toch?"; antwoordde ik terwijl ik een blik werp op mijn vrouw.
Ik merk niet dat ze zwijgt en vervolg; "Ze hebben nu hele ander maatstaven om te laten zien dat je meer voor elkaar voelt dan alleen een kusje. Lijkt mij moeilijk."
In gedachten zie ik hem weer zitten in de tuin. Mijn onomkeerbaar groeiende zoon.
Flarden van een tekst schieten door mij heen; ‘I’m so proud to be your father’.

05 March 2012

Beatrix Oeuvreprijs

Een dag te laat bereikt mij het collectieve ‘wij gevoel’.
Ik ben in Zwitserland en geniet hier van een welverdiende skivakantie.
Het nieuws wat doorgaans tot mij komt is helemaal niets óf via internet.
De krant koop ik echter al jaren niet meer aangezien deze tegenwoordig louter oud nieuws bevat.

Voor deze keer maak ik een uitzondering. Er wordt een krant gekocht en deze kopt:
Hartverscheurend.
Toegegeven. Ditmaal zit de krant er niet ver naast. Hartverscheurend inderdaad.
Een collectieve rouwperiode is aangebroken. Iedereen leeft mee.
In een tijd dat het koningshuis kunstmatig in slaap wordt gehouden.
Overbodig gedoe vinden de onderdanen. Zó vorige eeuw!

Ik persoonlijk hoop dat zij ten tijde van crises, hét moment dat we allen weer naar de driekleur verlangen, gezond uit de comateuze toestand komt.
De tijd dat we weer trots zijn op Oranje.
Nu zijn er andere zorgen. In een tijd dat de familie een persoonlijk drama doormaakt.
De Koningin weent. Ook nu weer blijft ze in haar rol. Hoe lukt haar dat?

Tien jaar geleden Claus dood. Ze heeft Apeldoorn meegemaakt. Ik heb haar zelfs even zien versnellen op de Dam. Altijd was het de Koningin. Nooit Beatrix.
Nu is daar het moment dat iedere moeder doet ineen krimpen. Je kind verliezen. Onverenigbaar met het leven. Een moeder maakt het momenteel door in Innsbruck.
De media zit er boven op. Schande? Vergeet niet dat wij de media zijn. Jij en ik!
Ik heb mij ondertussen schuldig gemaakt aan voyeurisme.
Mij verlekkerd aan het persoonlijk leed van anderen.

Hartverscheurend!

Wederom moet de moeder in de Koningin afhaken. Een verscheurde vorstin is wat wij zien. Een schreiende moeder van Nederland. Ze blijft in haar rol.
Zelfs in de tijd dat zij Beatrix zou mogen zijn. Dat Beatrix moeder zou willen zijn.
Zij blijft Majesteit. Zoals altijd. Ik heb nog geen acterend talent gezien in Nederland die zich zo heeft ingeleefd in haar rol.

Als geen ander verdient zij de oeuvreprijs. Voor de prestaties in haar hele leven. Iets waar heel Nederland trots op zou moeten zijn.
Niet alleen op dit moment. Nee, ook in tijden van onderdrukking en op momenten zoals nu. Welvaart. Voor de monarchie gaat de start van dit millennium de boeken in als een diep dal. Voor de familie gaat 2012 de geschiedenis in als het drama. Een drama waarin Beatrix moeder mag zijn zelfs al is zij Koningin.

31 January 2012

Steensma... Bob Steensma!

Onze Bob.

Dit artikel vindt zijn oorsprong in een vriendschappelijke relatie die ome Bob ooit kende.
'Zijn naam werd in zijn studietijd in verband gebracht met onze kroonprinses'; aldus Wikipedia.
De geschiedenis is tot op heden geschreven en anders bepaald.

Daar mag ik niet over praten.
Onze huidige vorstin huwde Klaus-Georg Wilhelm Otto Friedrich Gerd von Amsberg.
Beter bekend als Prins Claus.
Op verjaardagen en partijen krijg ik ongevraagd alle informatie die ik niet wil weten.
"Daar mag ik niet over praten!"; hoor ik dikwijls echoën.
Ik ben niet zo geïnteresseerd in geheimen maar soms dan ontkom ik er niet aan.

30 april 2012.
Zo loop ik al maanden rond met de waarheid rond de afgeblazen activiteiten op het Museumplein in Amsterdam op Koninginnedag.
Het jaarlijkse 538-event. Er werd maar over gediscussieerd.
Het blijkt onnodige verspilling van energie te zijn geweest.
Ons Museumplein is ergens anders voor nodig op 30 april 2012.
Hadden ze naar mij gekomen? Dan had ik dit kunnen melden.
Maar niemand vraagt het en ik? Ik mag er niet over praten.

Eberhard van der Laan.
Goed, ik wist dus al dat het 538-event niet door zou gaan. Maar wat de reden is? Weet u het? Te druk?
Teveel aanloop naar het centrum? Plausibele verklaring van meneer Eberhard van der Laan.
Koninginnedag is immers bedoeld voor andere activiteiten? Vrijmarkt en al die blije gezichten.
Primair dus voor Koningshuis-events. Voor onze Koningin of Koning…
Wat de reden is weten slechts een handvol mensen én de familie van Oranje.
Onze burgemeester, de directeur van radio 538 Jan Willem Brüggenwirth en Bob.

De kleur van mijn bloed.
Nu is het grappige dat ik afgelopen week een familiefeestje had. En wie gaf er plotseling acte de présence? Ome Bob!
De spanning was voelbaar. Bob had rode wangetjes en hij probeerde zenuwachtig onzichtbaar te zijn.
Dit was niet onze ome Bob. Zoals gewoonlijk liet ik hem een beetje links liggen.
Hij was per slot van rekening de oorzaak van de kleur van mijn bloed. Het had zo mooi blauw kunnen zijn. Had!

Dit jaar gaat het gebeuren.
Ik negeerde hem een beetje en schonk mijzelf een glas in. Ongewild kreeg ik flarden van het gesprek te horen.
“Ik sprak met Beatrix…”. “2012…”. “Dit jaar gaat het gebeuren”. “Het gaat drukker worden dan ooit op het Museumplein…”.
Ik spitste mijn oren. Hoorde ik het nu goed? Sssttt. En ome Bob vervolgde…; “…maar daar mag ik niet over praten…”

28 January 2012

Twee zonen en hun pa...

"Januari 2012 kwamen twee zonen hun vader 'afleveren' bij het Hospice.
Ik had dienst en aan mij de taak om hen te begeleiden op deze moeilijke dag.
Het bleek al gauw dat het niet alleen voor de gasten moeilijk was maar
ook ik kreeg een flinke spiegel gepresenteerd.
Een spiegel naar het verleden.
Ik verwoordde het als volgt."



Mocht ik mijn pa maar naar het hospice brengen
Zoals die twee op zijn 70-ste jaar.
ik zou zijn oude ribben voelen
en streelde zijn asgrijze haar.

Zoals die twee, de entree met hun pa
Die onzekere vinger op de bel
De handen vullen vaders kasten
Het gevoel zegt; "Wil ik dit wel?"

Irritaties overwinnen even de liefde
De vrijwilliger grijpt kort in
koffie, thee, een paar woorden
rust in het gezin.

Ik bracht mijn vader al eerder weg
Eenenvijftig en nog jong van geest...
Wat als hij 30 jaar langer had geleefd
hoe zou dat zijn geweest?

Had ik 'het onbegrip' begrepen
tussen zonen en hun pa?
Of zou ik alle liefde geven van
de jaren dat ik zonder hem sta?...

Al wat rest is genieten, van
een spiegel naar mijn verlies
in 1 dienst 30 jaar verwerken
ook dankzij het Almere Hospice.


"Vandaag is de vader overleden. Hij heeft niet gewacht op mijn volgende dienst.
Ik hoop dat mijn bijdrage hen heeft kunnen helpen bij het verwerken.
Hun bijdrage hielp mij wel."

22 January 2012

De weg naar een nieuw begin...

Huilend vond ik mijzelf op het mos.
Plotseling zag ik mij geconfronteerd met een onnoemelijk hoge berg.
Zo één met beekjes en ontoegankelijke bossen tot aan de boomgrens.
Als ik goed in de hoogte tuurde ontwaarde ik rook uit de top.
"Oh nee hè? Een vulkaan!"
De moed zakte mij in de schoenen. Huilend vond ik mijzelf even later terug, liggend op het mos.
Het veilige mos. Althans, de plek die voor mij altijd veiligheid en geborgenheid had betekend.

"Ik wou dat ik dood was..."
Dat gevoel aan deze kant van de berg was verdwenen. Eigenlijk heel langzaam.
Gek dat ik niet eerder had kunnen ingrijpen. Misschien had ik nog iets kunnen redden?
Mijn leven was zo mooi. Zo fijn. We hadden het goed. Een leven om oud mee te worden. Totdat...
Nu was het te laat. Terugkeer onmogelijk. Ik moest aan de andere kant van de berg zien te komen.
Maar hoe?
"Ik wou dat ik dood was..."

Er is geen toekomst.
Na een nacht met huilen en schreeuwen begon ik de klim.
Ik zag in het begin niets door mijn gezwollen ogen.
Als een dwaze liep ik recht door de struiken en de takken zwiepten zo nu en dan pijnlijk langs mijn huid.
Ik leerde hiervan. Ik probeerde van uur tot uur te plannen.
Ook leerde ik om vooraf na te denken hoe ik een volgend moment zou overbruggen.
Hoe ik aan eten zou kunnen komen bijvoorbeeld.
Denken aan het verleden en aan de verre toekomst was er even niet bij.
Eén toekomstperspectief hield mij op de been. De overzijde!

De weg naar mijzelf.
Langzaam aan vorderde ik. De dingen die vroeger belangrijk waren vergat ik.
Make-up deed even niet ter zake. Mijn ondergoed en mijn lichaam waste ik in de bergbeekjes.
Mijn overdadige kleding had ik al eerder aan een treurige wilg gehangen.
Steeds meer begon ik mijzelf te worden.
Geheel alleen was ik de grootste uitdaging van mijn leven aangegaan
en als die dagen had ik de moeilijkste hindernissen in mijn eentje geflikt!
Ik voelde mij sterker dan ooit. Mooier dan ooit.
Wat was die onbegaanbare berghelling eigenlijk mooi!

Ik brak... Maar herstelde.
Dankzij de opgedane ervaring durfde ik de laatste etappe beter aan.
Hoezo kale berghellingen. Hoezo vulkaan!
Ik deed het gewoon.
Soms klom ik 10 meter en pletterde ik met een noodgang weer 3 meter naar beneden.
Mijn wonden moesten door de wind herstellen. Ik brak maar herstelde.
Ik durfde zelfs om te kijken naar het leven dat mij altijd warmte gaf.
Die mooie vertrouwde plek. Die plek die mij verstootte.

Alles voor niets?
Ik klom en klom en sliep in de buitenlucht.
Geheel overgeleverd aan de natuur vond ik mijn oorsprong.
En dan, na deze eindeloze beproeving kwam ik aan de top.
Ik zeeg huilend neer op het mos en rook er aan.
Ik merkte dat de smaak van vreugdetranen gelijk was als de tranen van verdriet.
De lucht van het mos boven op de berg rook hetzelfde als het mos in het dal.
Er was eigenlijk bijzonder weinig verschil. De zon was hetzelfde, de natuur, de lucht...
Ik schrok. Was nu alles voor niets geweest? Huilend viel ik in slaap.

Geen haat meer.
Na een poosje werd ik gewekt door de vogels.
Langzaam besefte ik waar ik was en keek om mij heen, genoot van het uitzicht en dacht na.
Geheel vrij kon ik nu denken over het verleden, de verandering, de pijn en de klim.
Het verleden van ons samen, de pijn ieder voor zich, de verandering en mijn eenzame weg.
Zonder haat en negatieve gedachten keek ik terug. De klim had mij veranderd.

Ik zag er niet uit!
Wat eerst onmogelijk had geleken was nu de weg gebleken naar kracht.
Naar mijn eigen ik.
Er was zoveel te leren op weg naar het onmogelijke.
Ik had het geflikt! Het leven is mooi.
Fluitend wandelde ik de berg af. De zon kietelde ondertussen mijn make-up loze gezicht.
De herstellende wonden begonnen te jeuken.
In mijn gescheurde trui voelde ik iets vrij bungelen. Ik zag er niet uit!
Maar ik voelde mij als herboren!

20 January 2012

Theater Beursplein

“In shock, I reached for my ING badge”

Last month, I'd arranged to meet friends for our regular night on the town, and this time we'd decided to paint Amsterdam red.
Since I'd arrived a little early, I decided to get off the tram a stop early and walk from the Dam to the train station.
But all of a sudden, I found myself confronted with the occupation of the Beursplein.

For or against “Occupy Beursplein”?
The square was a hive of activity, so I stopped and observed for a while.
“Where do I stand?
Am I for or against this movement?” I pondered.
Deep in thought, I ran through the pros and cons.
How had it all started? With a protest against the financial establishment...
Well, we haven't always been totally upfront with Joe Public have we?
So they have the right to protest. Don't they?
However, according to media reports, the movement now mainly consisted of tramps, homeless people and other such riff-raff!

DeLaMar or Carré
I enjoyed watching this free show for a while.
A performance you'd usually pay a lot of money to see in one of Amsterdam's fine theatres, DeLaMar or Koninklijke Carré.
I came to the conclusion that I could appreciate the movement, as long as they kept things decent.
Suddenly, a large sign grabbed my attention.
"BANKERS ARE WANKERS!"
I was brought back down to earth with a bump and my hand automatically flew to the place where my ING badge always hangs.

Disappointed
Somewhat disappointed, I continued further on my way to Amsterdam Central, with those three hurtful words still running through my head.
I turned back around and surveyed the performance.

Occupy Amsterdam 2011.

“Disgraceful! This shouldn't be allowed!”

21 September 2011

Naaldencontainer

Hoe een man zich staande houdt als vrijwilliger in een hospice met voornamelijk vrouwelijke collega's.

Het liep tegen het einde van een rustige dienst.
Het hospice was op dat moment bemenst met 2 bewoners waarvan er een behoorlijk mobiel was.
Naar deze bewoner hadden we weinig omkijken. De andere bewoner, een meneer, was hulpbehoevender.

Ik had hem al eerder die ochtend een urinaal gegeven.
Nu was het moment, kort voor de overdracht aan de nieuwe ploeg, dat de huistelefoon ging.
De beller maakte zich bekend als de dochter van meneer en vroeg of ze hem kon spreken.
Met de telefoon in mijn hand liep ik een moment later de kamer binnen.
Hij wees gelijk naar het urinaal. "Ik moet weer plassen"; sprak hij moeizaam.
Ik overhandigde de telefoon terwijl ik hem uit legde wie er aan de telefoon was. "Uw dochter!"

De man keek een beetje verschrikt.
Ik begon zijn weggooi-boksershort los te maken en ontdekte gelijkertijd een bolus die reeds enige tijd lag te wachten op ontdekking.
Ik negeerde het en hield mij bezig om de jongeheer van de man op zijn plaats te houden in het urinaal.
Ondertussen sprak de man voort en hield ik mij discreet afzijdig.
Het duurde even voordat hij begreep wie hij aan de lijn had.
Hij wendde zich plotseling tot mij en zei: "Oh, mijn dochter! Ik verstond dokter!"
Hij vervolgde zijn gesprek terwijl ik wachtte op de plas. Er gebeurde niets.

Mijn gedachten gingen razendsnel. Hij moet verschoond worden. Zal ik?
Of zal ik het aan de aflossing overlaten?…
Ik besloot er voor te gaan.

Aan het einde van zijn telefonisch onderhoud was het urinaal nog immer niet gevuld en hij gaf te kennen dat hij niet meer moest.
Ik liep de kamer uit en vroeg mijn collega even te helpen. Zij had gelukkig iets meer ervaring. Ik miste de routine.
We zochten tevergeefs de handschoenen, een onderlegger en de vochtige doekjes.
Ik liep naar de kamer van de andere bewoner toe en haalde daar de benodigdheden op.
Handschoenen en een geel emmertje met een klein dekseltje.
'Ah', dacht ik. 'Hier kun je de vochtige doekjes uit trekken'.

Eenmaal terug op de kamer deden we de handschoenen aan en opende ik het emmertje.
Op dat moment zag ik de naalden en resten van prikmateriaal. Stiekem keek ik naar mijn collega.
'Had ze het gezien?'
Ze had het waarschijnlijk niet gezien. En wat als ze het wel had gezien?
Korte tijd later hadden we de overdracht achter de rug en liep ik naar mijn auto.

Een ervaring, en dus routine, rijker.

07 September 2011

Haar ogen nam ik mee naar de dood..

In mijn 22-jarig vaderschap-jubileum heb ik veel meegemaakt, veel geleerd en veel verhaaltjes over de kinderen geschreven.
Dat ik in deze periode ook fouten heb gemaakt staat buiten kijf.
Fouten waarvan je weet dat ze er zijn maar die je naast je neer legt. "Ik ben ook maar een mens...".
Soms echter krijg je een spiegel gepresenteerd. De ongevraagde feed-back.
Het gebeurde recentelijk tijdens mijn vakantie. Mijn volwassen dochter was een paar dagen langsgekomen op ons stekkie.

Dochterlief had het druk met haar studie en dit vertaalde zich in het doorstuderen in de vakantie.
Zo nu en dan was ze wat korzelig. Soms snauwde ze even... Ook tegen mijn vrouw.
Moeder kan daar goed tegen. "Ze moet haar ei kwijt en dit is de ideale plek..."; suste ze.
Op een gegeven moment ging ze te ver voor mijn gevoel.
Ik ging er tegen in en zoals een goed debater betaamt ging zij de discussie aan.
"Waarom snauw je zo tegen mij!"; riep ze.
Ik antwoordde iets van; "Wij doen alles voor je en jij...".
FOUT!
Het ging zo een paar zinnen door en ik zag mijn vrouw ongelukkig kijken.
Ik trachtte wanhopig om mijn lessen 'omgaan met (vrouwelijke) emoties' in stelling te brengen.
Het lukt en ik loop naar dochterlief toe en hef mijn hand teneinde een high-five te geven.
"Vergeet het!"; zeg ik. Ze beantwoord de geste, begint nog even flink te schelden en gelijktijdig zie ik haar ogen groot worden.
Haar ogen worden rood, sperren zich wijd open en vullen zich met tranen.

Wat ik mis is dat zij op dat moment kei- en keihard vecht tegen de tranen.
Ik zag enkel de scheldende, jankende vrouw voor me. Ik begreep dit niet en draaide me met een zucht om. Weg van dit alles.

Had ik maar eerder begrepen dat ze juist opgelucht was en dat het schelden en huilen niet zo bedoeld was.
Snikkend loopt ze weg en glijdt buiten pardoes uit over het natte hout. Het doet mij pijn doch ik kan niet reageren.
Ik ben boos. Verstijfd. Verdrietig. Ik ben stom. Ik ben een man!

Even later lig ik in bed. Ik kan de slaap niet vatten. Gedachten spelen door mijn hoofd.
Steeds zie ik haar ogen voor me. Dat innerlijke vechten.
Ik denk, ik maal.
Woelend zie ik mijzelf ineens liggen op mijn sterfbed.
Net voordat ik mijn aller, allerlaatste adem uit blaas zie ik die wanhopige ogen weer voor me... De afrekening?

Een beklemmend gevoel maakt zich meester van me. Dat moet mij niet overkomen!
Even later klop ik op de deur van haar kamer.
"Sorry..." zeg ik zachtjes. "Ik heb veel van je geleerd..."

22 May 2011

Eindevandewereldgemist.com?

Lieve mensen,

We hebben er weer één achter de rug.
De dag des oordeel versie 2011-5...

Ene meneer Camping uit, ja hoe kan het ook anders,
de Verenigde Staten, had bepaald dat 21 mei de grote afrekening zou plaatsvinden.
In mijn beleving voor de man zelf een verlies-verlies situatie.
Als het gebeurt, dan kan niemand deze man eren.
Geen sterveling kan immers meer zeggen: "Deze man had gelijk!"
Als het weer niet gebeurt, dan is deze man een verliezer. Eentje die m.i. uit zijn ambt ontheven kan worden.
Per direct!
Hoe haalt hij dit in zijn hoofd! Er zijn mensen die geloven.
Geloven in een God en er zijn mensen die geloven in meneer Harold Camping.
Ook zijn er lieden die weten dat dit wel los zal lopen.
En als het gebeurt dan zien ze dit vanzelf wel...
Ik heb in mij leventje al meerdere armageddons overleefd. Jij toch ook?

Gisteravond vroeg een vriend van mij hoe laat het was.
Ik vertelde hem de actuele tijd.
Hij trok wit weg.
"Shit, te laat.., we hebben het einde van de wereld gemist!"