14 May 2014

Zij...



Lage zon.
Auto.
Polder
Plotseling voor mij
Zij.
Naakt.
Haar voeten in een regenpoel.
Zij wast.
Ik zweet.
Naderbij.
Hart jaagt.
Onbeweeglijk.
Zij en ik.
Ik nader.
Claxon.
Confrontatie.
Zij slaat
haar vleugels uit en
gaat.

Ik spring een gat in de lucht.

Ik spring een gat in de lucht,
om zo de wolken te verjagen
opdat jij een kort moment
dat lievelingsjurkje kunt dragen.

Ik spring een gat in de lucht,
om je te beschermen tegen de zon
opdat jij je niet zult branden
ik wou dat ik dat kon.

Ik spring een gat in de lucht,
om de zilveren randen weg te plukken
van die dappere wolk die het waagt
je de schaduw in te drukken.

Ik maak je het mooiste weer,
ik pluk je de fijnste vrucht
als jij je zo voor mij vertoont
dan spring ik een gat in de lucht.

De vlieger



Een antwoord op de brief aan de vlieger van André Hazes.

“Lieve André,

Wat een fijne brief was dat zeg.
En aan zo’n mooie vlieger!
Heb je die zelf gemaakt?
Vroeger toen jij nog zo een klein kereltje was kon je al zo lekker knutselen.
Totdat je begon te zingen.

Wolkje.
Het heeft zeker wel lang geduurd hè, voordat de vlieger mij bereikte.
Ja, het is ook erg ver naar de hemel.
Je vraagt hoe het met mij gaat?
Nu, wel aardig. Er is weinig te doen.
Slechts zitten op mijn, wat jullie noemen; "wolkje".
Nou, een wolkje is anders hoor!
Het is hier zo overbegeest dat de wolkjes al eeuwen geleden zijn uitverkocht.
Het is dus alleen een beetje rondzwerven en denken.
Ja, slechts met denken kun je de tijd verdrijven.
En natuurlijk met het terugkijken op aarde.
Maar ja, wat wil je als geest hè.

Rijk van geest.
Ik kan niet eten, niet lopen, eigenlijk kan ik niets.
Mijn mond, armen en benen hebben jullie beneden met de rest van mijn lichaam begraven.
Ik heb niets mee kunnen nemen, behalve mijn geest.
Ik kan je zeggen dat ik sinds ik dood ben wel een stuk intelligenter geworden ben hoor.
Mijn geest is een stuk rijker geworden.
Jammer dat dat niet eerder gebeurd is, ik had je zoveel extra's mee kunnen geven.
Wellicht waren je liedjes dan ook wat beter geweest.
Trouwens, drink je nog zoveel als toen?
En eet je al wat minder?
Weet je waar wij ons hier vooral mee bezig houden?
Met praten en denken.
Praten over de wereld beneden.

Beschermengel.
Alle belangrijke datums gedenken wij in stilte.
Niets kunnen wij meer meemaken.
Neem bijvoorbeeld voetbalkampioenschappen, verkiezingen of Maxima.
Triest hè?
Verder houden wij ons bezig met het spelen van beschermengel.
Alle geesten willen hun familieleden beschermen.
Als het onverhoopt mis gaat beneden dan zorgen wij er voor dat de familieleden bij ons in de buurt komen. Ik heb dus een probleem.
Niemand wil André Hazes hier hebben.”

Veel liefs van je moeder.

Stille Nacht

Zomer.
Het was juli. Een warme nacht.
Patrick lag in bed.
Hij lag wakker en zijn gedachten stonden niet stil.
Hij dacht aan Kerst, aan zijn vader.
Het was nu alweer 7 maanden geleden dat hij overleed.
Op vierde kerstdag. Wat een afschuwelijke tijd was dat.
Het was weliswaar mooi dat hij die Kerst nog had mogen meemaken.
De Kerst van de techniek.
Ja, daar hield die ouwe van.
Wekelijks was hij wel te vinden in de elektronica speciaalzaak.
Hij genoot van alles wat maar met communicatietechniek te maken had.
Wat hadden ze die laatste weken veel gekocht.
Een GSM, een PC met uiteraard Internet en een CD-writer.
Nou, dat stond wel naast die magnetron, breedbeeld TV en stereotoren.
En natuurlijk bij het tropisch aquarium. Zijn trots.
Hij wist dat hij niet lang meer te leven had. Toch wilde hij alles nog meepikken.
Tijdens de kerstdagen hadden ze samen over de wereld gesurft.
Tweede kerstdag naar het strand.
Tijdens het lopen had hij zijn GSM gepakt en belde hij zijn zus.
“Luister eens, de zee!” had hij gezegd.
Tranen stonden in zijn ogen.

Stille nacht.
‘s Avonds ging de stereo aan. Bach. Jesu Joy of Man,s Desiring.
Het lievelingslied van Moeder.
Het werd gedraaid tijdens haar begrafenisplechtigheid.
Pa pakte de dirigeerstok en deinde mee. Mooi vond hij dat.
Opeens vroeg hij; “Patrick, zet de koelkast eens uit!”
Patrick fronste zijn voorhoofd maar deed wat hem gevraagd werd.
“En nu de computer.” Patrick gehoorzaamde.
Bij elk verzoek ging de baton recht omhoog en eenmaal boven liet hij hem met een snelle draaiende beweging zakken.
Even later was alle apparatuur uitgezet. Het was stil, vreemd stil.
Zelfs de pomp van het aquarium had Patrick uit moeten zetten.
Een wereld zonder geluiden.
Pa pakte de kaarsen, ontstak deze en deed dan op het laatst ook het aquariumlicht uit.
Stille nacht.
“Kijk Patrick, deze omgeving is een beetje te vergelijken met Indië.
Het was daar stil, doodstil.
Pa ging terug in de tijd en vertelde honderduit over zijn ervaringen.
De angst. En de fijne momenten.

Buiten kennis.
De volgende dag werd zijn vader met spoed opgenomen in het ziekenhuis.
Het was een aflopende zaak.
Hij lag aan de monitor en aan de beademing. Buiten kennis.
Patrick bleef bij hem. Zijn vriend.
Het werd nacht. Patrick week niet van zijn zijde.
Plotseling deed Pa zijn ogen open. Verbaasd keek hij in het rond.
Dan ontdekte hij Patrick. Hij knikte naar hem en wees naar alle apparatuur.
Zijn ogen waren groot. Af en toe wees hij naar iets wat zijn aandacht trok.
Praten kon hij niet meer.
Zijn hand hield die van Patrick stevig vast.
Na een poosje zakte hij weer weg. Het was stil.
Op de achtergrond slechts het monotone geluid van de beademing.
Patrick keek naar zijn vader. Bewoog zijn gezicht?
Het was alsof hij heen en weer deinde.
Dan ineens ging de hand van Pa recht omhoog en eenmaal boven liet hij hem met een snelle draaiende beweging zakken.

Dan werd het stil.
Patrick barstte in tranen uit.
“Nee Papa, nog niet!”
Hij pakte voorzichtig zijn hoofd vast en huilde.
Na een poosje voelde Patrick een hand op zijn schouder.
Door zijn tranen heen zag hij de verpleegkundige staan.
Hij keek hoopvol naar de man in het wit. Deze knikte.
Patrick kuste het gezicht van zijn vader.
Dan werd het stil.
Vierde kerstdag.

Stille nacht.